
We komen nog al eens in de stationshuiskamer van Driebergen/Zeist. Het is een prettige plek om te vertoeven. Henk is gearriveerd. Ik ben gearriveerd. Tijd om bij te praten en iets te drinken. Dan gooien we de rugzakken op de rug en gaan de wijde wereld in. De wijde wereld is eerst de smalle oversteek over de provinciale weg en dan komen langs een parkeerplaats waar een vrouwelijke chauffeur bijzondere handelingen uitvoert om van het parkeerterrein af te komen. De aanwezigen kunnen schadevrij verder gaan. Bij de Arnhemseweg Bovenweg kunnen we de spoorlijn kruisen en verdergaan naar Bornia. Uiteindelijk komen we in dit rustige gebied uit bij de bosvijver van Klein Heidestein, nadat we even van de route zijn afgegaan om een hoogtepunt van de route te nemen. De brug ligt eenzaam want er stroomt geen water onderdoor. We gaan een tunnel in die inderdaad donker is en een bocht maakt waardoor het nog donkerder lijkt. Langs de bosvijver is een overnachtingsmogelijkheid, maar die hebben we nu niet nodig. De dag is nog lang. Er is nog even verder een klein heidegebied dat de naam Hoogkanje draagt. Dat betekent dat we al dicht bij de bebouwde kom van Zeist zijn. We gaan door het groen en zijn dichtbij Kerckebosch. Vlakbij het Zeisterbos is zelfs nog een klein stuifzandgebied. In een grote groenstrook die tot in de kern van Zeist doordringt gaan we verder. Langs kunstwerken in het groen. Over landgoed Pavia en de bijbehorende villa waar nu een zorglocatie is. Het water in de vijver is helder en we kunnen tot op de bodem kijken. Libellen paren dansend boven het water. Dan komen we bij de volgende groenvoorziening: Hoog Beek en Royen. Het zijn gebieden waar ik in mijn Zeister jaren veel heb gewandeld en veel gepoogd heb om hard te rennen. Het wordt tijd voor ons om op zoek te gaan naar een fatsoenlijke eet- en drinkgelegenheid. We lopen over de 2e Dorpsstraat, zien een terras en het drukke verkeer vlak langs het terras. Dit moet een gunstige plek zijn voor benzinesnuivers en dieselinhaleerdeers.

Bij de voet van hotel Figi zien we schuin aan de overkant een terras in de zon. Wat wil een wandelaar nog meer? We naderen het terras van de Hermitage en wat wij dan zien zou in betere tijden voor ons een indringende waarschuwing zijn geweest. Tafeltjes rond en vierkant. Gasten aan enkele tafeltjes. Kleedjes hangen over de rand van de tafel. Glazen voor water en wijn in meerdere soorten staan gereed. We lopen toch verder en gaan zitten aan de rand van het terras om toch een beetje binding met de buitenwereld te hebben. Na enige tijd komt een dame in de uniforme kleding van het personeel aan ons tafeltje. ‘Heeft u gereserveerd?” vraagt zij. Wij antwoorden met een ontkenning, het klinkt als een dubbele ontkenning. “Heeft u zich aangemeld bij de dame op het terras?” Wij zijn ons van geen kwaad bewust en hebben geen aanmelddame gezien. Hoe ziet een aanmelddame er trouwens uit? Ondanks de overrompelende gastvrijheid grijpen wij de kans om nu weg te gaan niet aan en blijven zitten. Het is lunchtijd en wij zitten hier. Na de sobere lunch voor twee heren van stand ga ik betalen bij een betaaldame. Ons vermoeden wordt bij het betaalapparaat bevestigd. Wij gaan lichter dan wij gekomen zijn verder op onze weg. Deze weg lijdt naar het imposante terrein van het Broederplein en het Zusterplein. Hier was van oudsher het centrum van de Hernnhutters (in de schuilplaats van de HEER), die veel zendingswerk in Suriname deden en waar uit de Evangelische Broedergemeenten zijn ontstaan. We zijn onder de inruk van de gebouwen en de symmetrie. De vele auto’s vormen wel een storend onderdeel van deze plek. We lopen door tot Slot Zeist waar zowaar een horecagelegenheid is op het voorplein. Het is de Orangerie. De sinasappelboompjes zijn niet te zien, wel grote parasols en stoelen en tafeltjes eronder. Tafeltjes zonder kraakhelderwitte kleedjes. We kunnen gaan zitten en onze bestelling wordt opgegeven. Daarna gaan we naar de Museumwinkel (met heel plezant personeel) waar wandelmaat Henk nog een paar kunstzinnige placemats in de wacht sleept. We staan al buiten wanneer Henk bedenkt dat hij nog een paar placemats (kunstzinnige) kan aanschaffen. Later komen we ook tot de conclusie dat we naar de tentoonstelling Het Portret hadden kunnen gaan. Nu is het voor vandaag te laat. Soms gedragen wij ons als cultuurbarbaren.

We lopen langs het water dat rondom het Slot ligt. In het water staan meerdere kunstwerken, zodat wij toch nog even ons culturele hart kunnen ophalen. De kunststukken vallen niet in het water. Verder over de Zinzendorflaan, de naam van Zinzendorf (1700-1760) is onlosmakelijk verbonden aan de Herrnhutters. Dan de Blikkenburgerlaan. Ter hoogte van de ijsbaan (wat een moeilijk bestaan hebben ijsbanen in deze jaren) gaat de route door een hek en dan een lang pad in het groen langs de Blikkenburgervaart. Een man gaat net voor ons het hek door en het pad op. Henk krijgt problemen met een enkel en ziet uit naar een bankje. De man heeft net voor ons een bankje in bezit genomen. Hij tuurt met behulp van een verrekijker over het water waar vogels zich aan hem tonen. Mooi die wisselwerking. Voor de enkel van Henk is het echter minder mooi en hij strompelt verder. Gelukkig: aan het einde van het pad, net voor de Bunsinglaan staat een bankje in de zon. We nemen plaats en kijken rond. Een grote maaier zoekt elk sprietje gras op. Wandelaars lopen af en aan. Hier loopt een Klompenpad. Zelfs een trio met filmcamera en een microfoon op een stok gaat voorbij. Dan komt mevrouw Els bij ons op het bankje zitten. Met behulp van twee stokken is zij aan haar dagelijkse wandel gegaan. Zij vindt het nu drukker dan anders. Zij vertelt wat over haar leven van de Achterhoek tot hier en over wijlen haar man en over een weduwe die haar uitnodigde voor een etentje bij de Hermitage. Daar is het duur, zegt mevrouw Els. Wij spreken haar niet tegen. We lopen even over de Bunsinglaan in zuidelijke richting en gaan dan het groen weer in. Hier is het Nieuw Beerschoten. Heeft hier ooit een paardenrenbaan gelegen, waar nu een akker is? Wij gaan er langs over de Laan van Rijnwijk. Gebouwen voor paarden staan te koop. De Koeburgweg brengt ons bij sportvelden die vandaag druk bezet zijn. Kinderen op de velden en ouders langs de lijn. Langs de Driebergseweg komen we terug bij het station. De tocht is ten einde. Het is weer een mooie wandeling geworden, natuur en cultuur en culinaire hoogstandjes.

Bart van der Schagt
11 stationswandelingen over de Utrechtse Heuvelrug
station Driebergen/Zeist rondwandeling
12.5 kilometer
Voor een bestelling van het wandelboekje, klik op de rode titel hierboven.
Voor de bewegende beelden: klik hieronder:
https://strava.app.link/a8MH0EnbJ6b
Ontdek meer van Willems Wonderlijke Wandelingen
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.