Groene Wissel 038 – Beilen

P1150348

De grootste melkbus van Drente (of is het ook Drenthe?) staat waarschijnlijk in het dorp Beilen, gelegen aan de spoorlijn tussen Zwolle en Groningen. 

Aan de voet van deze melkbus stap ik uit de trein om de Groene Wissel die hier begint te gaan wandelen. Aan een paal bij het station zie ik een markering van het Westerborkpad, dat wandellief en ik hebben gelopen. Kort volg ik de lijn van het spoor noordwaarts, ik steek het spoor over en sta meteen in het buitengebied van Beilen. In korte tijd kom ik drie trekkers tegen, uiteraard zonder kenteken. Aan de oostzijde begrenst het spoor het dorp Beilen en aan de westzijde wordt de grens getrokken door de snelweg A28. 

In het buitengebied ontmoet ik stilte, zelfs de treinen die ik in de verte door het landschap zie gaan maken nauwelijks geluid. Bij het lopen probeer ik mijn linkervoet goed neer te zetten en af te rollen. In mijn onderrug, aan de linkerzijde, doet een spier niet helemaal wat ik wil. Klussen heeft zo zijn nadelen. Ik probeer geen compenseergedrag te vertonen en rechtop te lopen. Van Lieving ga ik langs het Makummer molenstuk, ik zie inderdaad een molen. P1150358

Zelfs op asfalttrajecten is het opvallend rustig, een enkele auto passeert, een enkele groetende fietser, een man met hond, een trekker stampt het kuilvoer aan. In de tijd van de Germanen die hier in de buurt bivakkeerden zal het nog stiller zijn geweest. Aan de Noorderes (Wijster) is een fraai monument langs de kant van de weg, dat laat zien dat in de Romeinse tijd hier een Germaanse nederzetting was. Waarschijnlijk waren er ongeveer 20 boerderijen, benevens wel 1000 stuks vee. Wanneer je naar het Drents Museum (Assen) gaat kun je daar vondsten van deze plek bezien. 

Ten westen van Wijster (ja, van het afval) steek ik de spoorlijn over en ga een mooi gebied van Het Drentse Landschap in. Bos met paadjes, een kleine vijver met wandelbankje, een grafheuvelo die ik niet heb gezien en aan de rand de onvermijdelijke vakantiebungalows uit oude tijden.  

Via de zuidrand van Spier (en een amazone die mij zachtjes achterop kwam, zie foto boven) steek ik de A28 over en kom ik in het uitgestrekte gebied van het Nationaal Park Dwingelerveld. Op het terras van Boslounge ga ik in mijn eentje loungen en chillen met een boterham en een kopje thee. Wandelaars steken de asfaltweg over vanaf de parkeerplaats en gaan het bos in. Het zonnetje bereikt zelfs het achterterras van de Boslounge en ik ontdoe mij van mijn vest. 

P1150375

Ik kreeg onderweg een tweet van een wandelaar die net in het Dwingelerveld had gelopen. Zij spoorde mij aan om waterdichte schoenen aan te trekken. Tijdens mijn wandeling begrijp ik haar tweet, gelukkig is het waterpeil op veel paden al weer gezakt, maar modder is achtergebleven en op andere paden is de weg bemoeilijkt door een spontaan ontstaan meer juist op het pad. 

Een ander punt dat mij gaat bemoeilijken is mijn onderrug. Terwijl ik tijdens het wandelen rond kijk en de route ook nog in de gaten houd is de pijnplek in mijn onderrug uitgebreid van links naar rechts. Ik heb nog tien kilometer te gaan en ik ga moedig voorwaarts. Het is de eerste keer dat ik op het Dwingelerveld loop en het is de moeite waard, afwisseling genoeg en water op veel plaatsen. Soms word ik door het water gedrongen om de bermen op te zoeken of te klimmen over afgezaagde struiken. Mijn voeten zijn nog steeds droog. Voor noodgevallen heb ik nog een paar droge sokken in mijn rugzak. Een gewaarschuwde wandelaar is op water voorbereid. 

In de verte nadert een vrouw met een roedel honden, zij roept het gedierte bij zich wanneer ik nader. De dieren zitten in de houding rondom haar en ik kan ongeschonden de meute passeren. Even verderop zie ik een busje staan van een uitlaatservice (niet te verwarren met de uitlaatservice van een garage).

P1150379Bij kilometer 19 (nog ongeveer 6 kilometer te gaan) ga ik op een paddestoel (wit met rode letters en cijfers) zitten. Dat had ik beter niet kunnen doen, niet alleen omdat het niet een echt goede stoel is, maar meer omdat ik wat moeite heb om van mijn zetel op te staan. De weg wijst oostwaarts over de snelweg heen en de pijn zakt in mijn beide benen. Links een beetje meer dan rechts. Ook ontdek ik dat mijn rugzak niet meer recht hangt. Aan de oostzijde van de snelweg ligt Ter Horsterzand. Vaak sta ik even stil om te ‘genieten’ van het uitzicht en om even op adem te komen, mijzelf uit te rekken, om even rechtop te staan en dan weer moedig voorwaarts langs fde Makummerplas. Bij het Koninginnepad en de aanpalende parkeerplaats verlaat in het Ter Horsterzand. Ik steek de Terhorst over en kom op een fietspad tussen boerderijen. Ineens herken ik dit pad. Hier hebben wandellief en ik gewandeld op het Westerborkpad. Toen ging het een stuk beter met mijn benen en mijn rug.   

P1150387

Even lopen, even rusten, even lopen, even rusten. Na een kleine nieuwbouwwijk met veel vrijstaande huizen (aan ruimte blijkbaar geen gebrek in Beilen) kom ik via een lange houten brug, niet alleen over de Domoweg, maar ook bij een water, waarlangs veel kinderen fietsen, blijkbaar is zojuist het schoolleven voor die dag beëindigt. Zo dring ik steeds dieper door tot de kern van Beilen. Op een bankje bij de Torenlaan ga ik even zitten, en weer verder langs de begraafplaats waar slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog zijn begraven. Vrijwilligers zijn bezig met het schoonmaken van grafstenen. Ik  passeer de Stefanuskerk op een steenworp afstand en kom uit bij de nog steeds grote melkbus en daar achter ligt het station. 

Ik besluit om aan het einde van deze mooie en enerverende wandeling alvast op een bankje op het perron te gaan zitten, dan hoef ik bij de aankomst van de trein niet zo ver te lopen om in te stappen. Een gelukkige gedachte, want na ongeveer 20 minuten wachten is mijn wandelsnelheid sterk afgenomen. 

“Wandelen is gezond”, lees ik de laatste weken vaak. Maar er is ook een keerzijde. 😦  Ik heb wel een goede reden om nog eens terug te komen op het Dwingelerveld, op een andere tijd, in een ander seizoen.

 

Groene Wissel 038 – Beilen – 25 kilometer