Pelgrimspad (17) Ell naar Roosteren

P1100776

Hoe zuidelijker ik kom des te meer begint de omgeving van de tocht op een weg van pelgrimeren te lijken. Het lijkt wel alsof de tocht nu vaker langs kerken komt en langs wegkruisen en kapelletjes en andere zaken die verwijzen naar de pelgrimstocht in christelijke zin. Er zijn ook mensen die pelgrimeren naar zichzelf of die pelgrimeren naar die ene ander om de relatie te versterken. Of mensen die als atheïst toch de pelgrimage willen doen om iets te ontdekken en te vinden of om te ontdekken wat anderen van de pelgrimage vinden.
Vandaag begin ik mijn tocht in Ell, in het centrum bij de kerk stopt de bus die van Weert naar Roermond gaat. Pal naast de bushalte is al een crucifix te zien en even verder gelopen zie ik naast de grote kerk in het centrum van het dorp een groot Christusbeeld. Op de sokkel staat Komt allen tot Mij. Aan de rand van de bebouwde kom pak ik de route van pelgrimage op. Onmiddellijk gaat de route in zuidelijke richting. Door landerijen en een enkele boomgaard kom ik aan in Hunsel.

P1100784

In dit dorp staat de Jacobuskerk en wel de Jacobus die de bijnaam de Meerdere heeft gekregen, want in het Nieuwe Testament komen we meerdere malen de naam Jacobus tegen. Het gaat daarbij niet altijd om dezelfde. Het is deze Jacobus de Meerdere die hier een beeld heeft gekregen in zijn vermomming als pelgrim. Wanneer ik door een deur binnenga in de voorhof (die afgesloten is van de grote kerkruimte) zie ik aan mijn linkerhand boven in een hoek dit beeld van Jacobus, met pelgrimsstaf (die ik niet bij mij heb). Op een tafel liggen folders over de camino naar Santiago de Compostella. Buiten staat een infobord over de pelgrimsweg. In het gastenboek / gebedenboek hebben pelgrims die op weg zijn naar deze Spaanse stad iets geschreven. Ik schrijf ook iets, mijn tocht gaat niet zo ver. Zeker niet vandaag.P1100792

De Jacobuskerk ligt aan de Jacobusstraat. Het verbaast mij niet. Ik wandel verder over deze pelgrimsweg en kom bij een klein bosperceel. Volgens de routekaart op mijn mobiel moet hier een kruis (o.i.d.) zijn. Na enig turen zie ik in het kleine bosgebied iets dat lijkt op de achterkant van een kapel. Ik loop tussen bos en akker en ga een wandelbrugje over, houd links aan en sta ineens voor het kleine kapelletje. De deur zit op slot. Ik ga maar zitten op het bankje recht tegenover deze kapel die de fraaie naam Ongerbrügker-kapel (de benedenstrooms-van-de-brug-kapel). Deze naam komt van een boerderij uit de buurt. De oorspronkelijke kapel op deze plek werd rond 1900 gebouwd. Later trad verval in en in 2005 is de kapel herbouwd. In de kapel staat een beeld van Maria, tot wie gebeden wordt om genezing van ziekten. Omdat ik niet weet waar het wandelpad naar toe gaat, loop ik weer terug naar de weg van Jacobus.

P1100805
Via Ittervoort (waar veel over te schrijven zou zijn, maar ik laat het hier achterwege) kom ik bij Thorn, het fameuze witte stadje. Gelukkig ligt de tijd dat vrouwen hier de baas waren (meer dan 800 jaar) ver achter mij zodat ik zonder problemen het stadje kan binnenlopen. Al snel passeer ik een bed & breakfast die niet schroomt om in duidelijke taal te laten weten wat er aan de hand is achter de gevel: Bèd & Bótram Bie Ós. In oude tijden had Thorn een zelfstandige positie binnen andere rijken, met een abdis aan het hoofd. De vrouwen die ik nu tegenkom in de oude straatjes zijn voornamelijk van de oudere toeristische soort, al dan niet vooorzien van een e-bike (electrische fiets). Een vrouw die haar raamkozijn schildert draagt een T-shirt met het opschrift: I am not a tourist, I live here. Van alle kanten heb ik het zicht op de grote abdijkerk die midden in het oude centrum staat. Ik zou hier vele uren kunnen dwalen, de geschiedenis op mij inlaten werken, tijd doorbrengen in de abdijkerk, zoeken naar sporen van oudsher.P1100814
Ik loop om het oude centrum heen en vrij snel ben ik bij onze zuiderburen aanbeland. Vanuit Limburg bekeken zijn de zuiderburen trouwens ook westerburen, maar met deze kijk op de kaart wordt vaak geen rekening gehouden. Door open land (met ook hier vele fietsers and racefietsers) kom ik aan in Kessenich. Dit is een andere wereld. Al was het maar het verschil tussen het oude Thorn en het moderne Wereldkampioenschap voetballen in Rusland. Daar zijn de Rode Duivels bij aanwezig. Nog maar één wedstrijd gespeeld en dan al drie punten. Dit voetbalcafé is een pelgrimsoord voor de moderne voetballiefhebber die de pelgrimstocht naar Rusland niet kan maken. Als aflaat kan men hier de Rode Duivels aanmoedigen, voorzien van sjaal en spandoek en pint. Vanaf hier tot en met Maaseik loop ik tussen de Belgische vlaggen door, de vlaggen met afbeeldingen van spelers, aanmoedigingen op doeken. Er is geen oranje te bekennen, wel zwart en geel en rood.
Soms gaat de route dicht langs de Maas, soms weer verder weg. Het is de bedoeling dat in de toekomst de route dichterbij de Maas komt te liggen. Het is trouwens rustig op de Maas, één keer zie ik een speedboat (snelheidsboot). Tussen Geistingen en Aldeneik herken ik het pad en de omgeving. Tien jaar geleden hebben wandellief en ik hier gefietst op weg van Eijsden naar Pieterburen.
Bij Maaseik ga ik de Pater Sangersbrug over. Ik zie aan de Belgische zijde een oude grenspaal uit het jaar 1843. Roosteren wenkt aan de oostelijke zijde van de Maas en via een noordelijke rondweg in het groen kom ik bij de doorgaande weg, waar ik een passende bushalte op zoek. Een paar keer zie ik de kleine bus voorbij komen op een ventweg. Ik oefen geduld. De buschauffeur (uit Ohé en Laak) komt op tijd aan de halte en vertelt uitbundig over de pelgrims die hij heeft vervoerd en waar de route loopt en hij noemt een rijtje namen van dorpen op waar het Pelgrimspad door komt. Zelfs moet hij er niet aan denken om zo te gaan wandelen. Hij vervult echter goede diensten aan de pelgrimerende wandelaar door te zorgen voor ritten van en naar het station van Susteren.
Pelgrimspad – Ell naar Roosteren – 26 kilometer

Advertenties