
Na negen kilometer, op een fietspad tussen Ransdorp en Zunderdorp, kom ik hem tegen.
Hij komt met stevige stap uit een grijze wereld op mij afgelopen.
Tussen zijn buik en de riem van zijn rugzak zie ik een routeboekje van een langeafstandwandelpad.
Maar welk pad?
Ik groet hem en vraag naar het pad.
Het is het Trekvogelpad.
Met deze fundamentele informatie nemen wij afscheid van elkaar.
Twee weken geleden liep ik op hetzelfde fietspad, ook op een vrijdagmorgen. Toen zag ik geen andere wandelaar. Zo loop ik nooit tweemaal op hetzelfde pad.
Eerder op de ochtend ben ik van start gegaan met mijn wandeling. Deze Groene Wissel brengt mij naar noordelijk Amsterdam. Eerst zorg ik er voor dat ik de juiste veerpont opstap om bij het begin van de kilometertelling uit te komen. De route begint op het IJplein, dat meer dan een plein blijkt te zijn. Er is zelfs een IJpleinbuurt. Ik volg de waterloop in oostelijke richting, met woningen tot bijna aan het water. Op de grasveldjes tussen de woningen mag niet worden gevoetbald, wegens geluidsoverlast. Zouden hier nog andere vormen van geluidsoverlast zijn? Over de Noordwal en langs het Motorkanaal. Dan langs straten met namen van vogels, een verzameplaats van ornithologen. Met een kleine omleiding wegens uitgebreide werkzaamheden kan ik het Vliegenbos in, hier is zelfs een camping. Van het bos kom ik op de dijk.

Het is de Nieuwendammerdijk. Dit is een straat, een smalle straat, met een lange geschiedenis. De eerste nederzetting was hier in 1516, rond het jaar 1600 kwam er een grote brand langs en kon er vanaf de grond weer worden opgebouwd. Voordat de stad Amsterdam zijn tentakels uitstak was dit gebied gelegen tussen weilanden en het IJ. Ik zie geen weilanden meer en het IJ is aan mijn zicht onttrokken. Soms zie ik iets van de Pereboomsloot. Er valt gelukkig nog veel te zien. Oude huizen en nog oudere huizen. Veel verschillende stijlen. Veel gebruik van hout voor de woningen. Soms krijg ik een doorkijkje naar het veel lager gelegen deel naast de dijk. De Nieuwendammerdijk heeft haar karakter behouden in de loop der eeuwen. Bij een sluis (tussen Grote Haven en Kleine Die) is zelfs een café, genaamd Café ’t Sluisje. Woordkunstenaars zijn het hier. Ongeveer 1000 meter lang volg ik deze enerverende dijk. Van de dijk stap ik over naar het Stellingwouderbreekpark. Een hele mond vol. Een vrouw met leenhond vertelt mij wat haar leenhond gisteren in de bek nam. Daar heeft de hond de hele nacht diarree aan over gehouden. Verdere details zijn mij bespaard gebleven. Wanneeer ik verder loop dient een volgende combinatie vrouw-hond zich aan. Gelukkig blijft het hier bij twee groeten. Op een bankje bij een speelglijbaan Zuiderpark zit een vrouw alleen voor zich uit te staren. Ik kom dat op mijn wandeling vaker tegen. Even later kom ik via de Zuiderzeeweg de A10 onderdoor. Het Weerslootpad ligt voor mij en nu het het er toch ligt ga ik er ook maar op lopen. Uiteindelijk kom ik uit in Ransdorp, bekend van de wandeling van 14 dagen geleden.

In het dorp staat de vitrinekast van kunstenares Saskia de Rooy leeg. Betekent dit dat zij momenteel vast zit in haar creativiteit of juist het tijdelijke gebrek? Over de Nieuwe Gouw verlaat ik deze nederzetting. Deze Gouw volg ik tot en met de Nieuwe Sloot en ga dan het veld in, over en langs twee hekken.Ik kom uit op een fietspad en dan terug naar de Nieuwe Gouw. Na een paar huizen kan ik een fietspad (Achterlaan) op, nadat ik eerst de uitgebreide teksten op meerdere bordjes heb gelezen. Vaste prik is Honden Aan De Lijn, niet dat iedereen zich daar iets van aantrekt, merk ik na het lopen over een wit bruggetje. Een vrouw met rode alpinopet heeft een loslopende hond, zonder pet, maar wel met een stevige drang om te snuffelen. Ik ga verder langs de Zwetsloot. Zunderdorp kent een korte kennismaking. Het grote kerkgebouw wordt gebruikt door de Protestantse Gemeente van Zunderdorp en op 22 februari gaat dominee Mirjam Muis voor, een week later ds. Pieter Boomsma (ja, vader van Arie). Ik ga nog een keer de Zwetsloot over, ditmaal via een sjieke (zij het enigszins behept met achterstallig onderhoud) brug. Dan kom ik in het mij onbekende ’t Nopeind, dat zelfs een voetbalclub herbergt, met de naam HBOK. Er staat een imposant groot woonhuis te koop voor de gulle gever. Aan het einde van dit gehucht ga ik een pad op dat mij naar de Buikslotermeerdijk brengt. Deze dijk volg ik een tijd, langs een golfterreinj, onder de N247 door, langs meerdere woonboten en dan kom ik bij het Noordhollands kanaal, maar ik loop nog steeds over de dijk van Buiksloot. Ik steek een brug over om aan de andere oever verder te wandelen. Ik passeer de krijtmolen d’Admiraal (uit 1792). Een bordje vermeld dat deze molen de enige werkende krijttrasmolen ter wereld is die op windkracht werkt. Langs het kanaal kom ik steeds verder zuidelijker, door het Noorderpark, langs de wijk Volewijck (bekend van een voetbalclub). Aan het einde of begin van de Buiksloterweg kom ik een gezellig deel van de weg tegen, met huisjes van kleine maat, zelfs een café ontbreekt hier niet. Nog even en ik sta op de kade en ik stap de veerpont op. Ik kijk om en zie op de voormalige Shelltoren mensen schommelen. De pont met mens en fiets vaart naar de overzijde. De trein naar verre oorden lonkt.

Groene Wissel 21
Amsterdam Centraal Station
20 kilometer
Voor de bewegende beelden, klik hieronder:
https://www.relive.com/view/vrqDXKQr8Lq
Ontdek meer van Willems Wonderlijke Wandelingen
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.