Westerborkpad (19) Koekange naar Hoogeveen

Ons plan voor vandaag is als volgt: we parkeren onze vierwieler bij het station van Meppel, daarna gaan we met de bus naar het centrum van Koekange, dan wandelen naar Hoogeveen, met de trein naar Meppel en dan met de auto naar … In de kleine bus naar Koekange treffen we een chauffeur die ons wel het nodige wil vertellen. Hij is gemeenteraadslid en wil graag promotie maken voor de buurt. Hij vertelt over de adelijke families (bijvoorbeeld de familie van Nina en Frederik van Pallandt, die oude zangers, wie kent hen nog?), de schoonouders van Alexander Pechtold, die in De Wijk wonen in een heeeel groot landhuis. Als klap op de vuurpijl vertelt hij over wandelaars die proberen om juist op 4 mei in Westerbork aan te komen wandelen, dan kunnen zij aanwezig zijn bij de dodenherdenking. Hier willen we graag verder over nadenken en gaan puzzelen met aantal kilometers en beschikbare dagen.

Inmiddels zijn we van start gegaan en volgen de richting die twee wandelkoppels vorige week zijn ingeslagen. Het is onmiddelijk goed en al snel zijn we in het groene buitengebied. Het is hier zeer rustig (afgezien van een enkel voertuig dat te maken heeft met het boerenbedrijf). We horen vele vogels en veel rust. We passeren het heidegebied De Westerbergen en wandelen in de buurt van de spoorlijn naar het dorp Echten. Het is weer zo’n plek waar ik nooit van had gehoord, maar het zal wel een tijd in mijn herinnering blijven.

Bij het binnen lopen van het dorp lijkt het wel een beetje een openluchtmuseum. Een mooie boerderij, een fraai uitzicht, oudere mensen.

We komen zelfs een mooi oud wandelbrugje tegen bij de Hummel Hoeve. Echten laat merken dat het een echt Drenths dorp is. Een paar decennia geleden hebben de buurtbewoners een Drenthse plaggenhut gebouwd. Het is mogelijk om naar binnen te lopen en het interieur te aanschouwen. 

Vlak om de hoek bij de plaggenhut is het ’t Huus met de Belle. Zoals het bord aangeeft is het een informatiecentrum, nu hebben we niet zo’n onverzadigbare behoefte aan informatie maar we gaan toch naar binnen. Daar zien we heel veel artistieke uitingen van bewoners uit deze streek. Er zit veel mooi spul bij, maar onze rugzak leent zich er niet voor om alles mee te nemen.

De buurman heeft een galerie waar hij zijn werk tentoonstelt. We zien in het buitengebied van zijn werkplaats enkele beelden staan. We steken de weg over en lopen naar de ingang van Huis te Echten, een oude havezate. We lopen langs het oude poorthuis en over een fraaie laan komen we steeds dichterbij het oude huis. Het hoofdgebouw en andere gebouwen zijn nu in gebruik als plek voor volwassenen die een visuele en verstandelijke beperking hebben. Zij hebben hier werk of dagbesteding. In de buurt van Huis Echten zijn meerdere kleine woonvoorzieningen voor deze volwassenen.

De wandeling gaat verder over terrein, met name het bosgedeelte, waar al van alles begint te groeien en te bloeien.

We doen op het terrein een schokkende ontdekking. De NAM is hier aanwezig. Zijn we te ver door gelopen en al in Groningen? We zijn gelukkig nog in Drenthe.

We nemen in Boschzicht een tijdje plek op het terras en doen ons te goed aan koffie en thee en iets kleins er bij. Het is hier een druk knooppunt, fietsers, auto’s en veel vrachtverkeer, het lijkt er op dat dichtbij gebouwd wordt, in ieder geval wordt er veel zand vervoerd.

We gaan verder via Nijstad langs het water. Dan treffen we langs het fietspad een gedenksteen aan.  Aan de overzijde van de weg stond in de oorlogsjaren de boerderij van de familie Flokstra. In een ruimte onder het hooi werd aan 13 onderduikers een schuilplaats geboden. Ondanks nauwkeurige zoekpogingen van de Grüne Polizei kon de vijand de onderduikers niet vinden. Later ontvingen de Flokstra’s een onderscheiding van Yad Vashem.

Bij Drenthe horen niet alleen boerderijen en plaggenhutten, maar ook zwerfkeien, al dan niet gestapeld als hunebed. Bij het bereiken van de bebouwde kom van Hoogeveen komen we een verzameling zwerfstenen tegen. We blijven het water volgen en een gebied waar veel honden los lopen.

Na een vreemde lus in de route langs begraafplaatsen, komen we uiteindelijk toch terecht bij de Joodse begraafplaats. De begraafplaats aan de Zuiderweg is in 1831 in gebruik genomen. Voor aan de weg staat een monument als herinnering aan de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog, verschrikkingen die ook de Joodse inwoners van Hoogeveen niet voorbij zijn gegaan. Het monument staat er sinds 1962.  Op een steen bij de poort van de gesloten begraafplaats staat een tekst uit de Spreuken der Vaderen.

Van enige afstand kunnen wij grafstenen ontwaren. Een droevig symbool, ook omdat velen geen graf hebben gekregen, geen grafsteen, geen plek op het Beth Chaim.

De oude synagoge (1799) van Hoogeveen bestaat niet meer, het huidige gebouw is gebouwd in 1865-1866. De eerste steen werd op 26 mei 1865 gelegd door Samuel Benedictus Kolthof. Boven de voordeur (die niet de echte voordeur is, want die zit aan de westkant !) staat een tekst uit Exodus 20 : 24, een verwijzing naar de opdracht van Adonai om een plek te maken voor het offer.

Naast de synagoge staat een monument ter herinnering aan hen die omgekomen zijn tijdens de holocaust. Op het monument staat een gedicht.

Hier baden zij
en zongen zij
hier was hun bedehuis
Toen zwegen zij
verdwenen zij
en kwamen nooit meer thuis
Een heerschappij
een razernij
heeft hen zo zeer geschonden
Nog dragen zij
en speuren wij
de diep geslagen wonden

In 1948 werd de synagoge verkocht, er waren maar een paar Joden over gebleven. De Gereformeerde Kerk vrijgemaakt belegde jarenlang haar diensten in dit gebouw, vanaf 1996 tot nu kerkt de Baptistengemeente in het gebouw.

Ik vind het mooi gebouw, mooie verhoudingen. Een sprekende herinnering, helaas een herinnering.

Een molen, altijd goed om een molen tegen te komen. De molen staat mooi hoog op de poten. Meerdere molens zijn er in Hoogeveen geweest, maar alleen deze is over gebleven. 

Vlakbij de molen is de eerste begraafplaats voor de Joodse gemeenschap van Hoogeveen. Al in de achttiende eeuw werd hier begraven. Nu is er weinig te zien, twee grafzerken zijn overgebleven en een bordje met beperkte info en een hek. 

We lopen over de Markt. In oktober 1942 kwam de razzia ook naar Hoogeveen. 165 Joden werden bij elkaar gedreven in een café op de Markt. Het café is er niet meer, maar de herinnering blijft. De opgejaagde Joden werden vervoerd naar Westerbork, toen al vol en overvol. De groep Hoogeveense Joden kwam uiteindelijk terecht in het kamp Auschwitz.

Wij lopen naar het station, in alle vrijheid. 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s