wandelen in citaten (03)

Hoe zoet is 't tusschen broederen twee te wandelen, te wandelen, bemint men van de twee den een, den een gelijk den anderen; bemint men ze alle twee, en zij, beminnen ze ook malkanderen gebroederlijk: 't is zoet erbij te wandelen, te wandelen. Guido Gezelle (uit: Spiegel van de Nederlandse poëzie 2, Vivtor E. van … Lees verder wandelen in citaten (03)