
Ik verlaat het station Hilversum aan de verkeerde kant, terwijl ik toch goed heb opgelet, denk ik. Zo breng ik mijzelf in de war. Aan die verkeerde kant word ik opgewacht door een dame met een Palestijnse vlag hoog in top. Onderaan de vlag, op de grond, staat een tas. Zij zwaait met een folder getiteld Free Palestine. In Hilversum gaat de strijd nog voort.
Ik ga het station weer in om uit te komen bij de andere zijde van het station. Vanaf hier kan ik dwars door het centrum van dit dorp mijn weg zoeken. Het is nog niet druk met winkelend publiek. Een enkele fatbike zoeft door het voetgangersgebied. De bestuurder zal wel een ontheffing hebben. Bij een kerkgebouw wappert een doek dat mij oproept om op de derde donderdag van de maand een kaarsje aan te steken. Nu nog even niet. Langzamerhand raak ik buiten het centrum. Over de Badhuislaan kom ik bij het badwater van de Oude Haven. Naar beneden ga ik over een oude trap, nadat ik eerst door de historische trapafsluiting ben gegaan. Die afsluiting is een ontwerp van W.M. Dudok, die zijn sporen in Hilversum heeft nagelaten. Ik volg het spoor van de Oude Haven over een rustig pad totdat ik bij de brug van de Loosdrechtseweg kom. Daar verlaat ik de Oude Haven (waarin ik geen schip heb gezien). Na enkele straten kom ik uit bij het Talpa-gebouw. Een groot gebouw. Ik loop om het gebouw heen, steek de Schuttersweg en de Geert van Mesdagweg over en kom in het Corversbos, dat eigendom van Natuurmonumenten is. In dit bos heeft de herfst vrij spel. Aan het einde van een lang herfstpad kom ik uit bij ’t Jagerspaadje, dat weinig met de jacht op dieren te maken heeft, maar wel met de jacht op een hole-in-one. Ik let wel op of er geen witte kogels mijn kant op komen. Tegenover een oude woning genaamd Corvershof zie ik een groot wit hek waar schilders bezig zijn.

Daarachter is het terrein van Gooilust, een groot landgoed. Inderdaad, ook eigendom van Natuurmonumenten. Hier ben ik aangeland in ‘s-Graveland. Vroeger was hier een exotische dierentuin, want meneer Blaauw die hier hier woonde met de eigenaresse hield wel van vreemde zaken. Mooi is hierover te lezen in het fraaie boekje De Zakdoekjesboom van Hans Hagen. Langzamerhand komen wat meer wandelaars op het erf. Meerdere auto’s staan op de lange parkeerplaats langs de oprijlaan. In het landhuis zit nu een bedrijf dat handelt in interieurstoffen. Aan het einde (of begin) van de oprijlaan kom ik bij het Zuidereinde. De route gaat rechtsaf, maar ik sla linksaf, want ik weet dat verderop een minibieb is, waar ik eerder ben geweest. Na een controle van de boekenvoorraad loop ik een eindje terug en ga zitten op één van de vele zitbanken. Net wanneer ik zit hoor ik het angstaanjagende geluid van twee bladblazers. Werken in het groen is zo rustgevend! Gelukkig geven de beide bladblazende jongelui er al snel de brui aan en schakelen de machines uit en lopen terug naar de werkbus. Een weldadige rust daalt neer tot in verre omstreken. Na mijn pauze sta ik op en ga de weg in naar het noorden. Op de kaart is het lange streep door het landschap. Wat zal die streep mij brengen?

Al gauw krijg ik iets te zien. Aan mijn rechterhand doemt buitenplaats Trompenburgh op. Het hoofdgebouw ligt in het water, daarbuiten liggen percelen waar nog een enkele boom overeind staat. Dikke boomstammen zijn geveld en in mootjes gezaagd. Gelukkig klinkt er op dit moment geen enkele kettingzaag. Binnen en buiten Trompenburgh wordt sinds 2020 gewerkt aan een restauratie om het zo veel mogelijk terug te brengen tot de staat van de 17e eeuw. Misschien kunnen de restaurateurs nog een paar interieurstoffen bij de buren bestellen. De naam van het landgoed is afgeleid van de beroemde zeevader Cornelis Tromp, zoon van de wellicht nog beroemder Maerten Harpertsz. Tromp. Hij woonde hier met zijn vrouw Margaretha van Raephorst. In het jaar 1672 steken de Franse troepen het oorspronkelijke gebouw in brand. In de jaren werd het huidige gebouw gebouwd.
Rechts aan het Zuideinde staan de landgoederen met grote huizen (en af en toe een klein huisje en een paar kerkgebouwen). Aan de overzijde van de weg is een rijke schakering aan gebouwen, bedrijfjes, woonhuizen en een enkele galerij. Het staat allemaal in schril contrast met de rijkdom (oud en nieuw) aan de overzijde.
Even voorbij het kerkgebouw van de Hervormde Gemeente ‘s-Graveland ga ik bij de Kerkvaart rechtsaf en door een bosgebied. Ik kom uit in het Spanderswoud, dat toebehoort aan het Goois natuurreservaat. Nu kan ik een tijd door de bossen lopen en over de herfstbladeren die het gevecht met de zwaartekracht hebben verloren. Ik kom uit bij De Boshut, een alleraardigst plekje om even te pauzeren. Alsof ik even terug bent gewandeld in de tijd. Ik ga binnen zitten en bestel een soep. Het wordt de vegetarische groentensoep, die gloeiend heet wordt opgediend. Ik heb gelukkig geen haast. Het is een komen en gaan van mensen die aan zijn komen fietsen of wandelen. Alles op gemoedelijke wijze. Opgewarmd door de soep ga ik verder, langs het Mediapark en dan een mooi gedeelte over de Westerheide. Dan de bebouwing van Hilversum met een grote verscheidenheid aan bebouwing, de straatjes van de Geuzenbuurt (met meerdere minibiebs). Dan kom ik bij een ingang van het station die vanmorgen nog de verkeerde kant was. Nu is het goede kant.
Er staat nog steeds een dame.

Hilversum
Groene Wissel 091
Hilversum 1
15.2 kilometer
Voor de bewegende beelden, zie:
https://www.relive.com/view/vWqBpeXEkQO
Ontdek meer van Willems Wonderlijke Wandelingen
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.