
We hebben afgesproken om elkaar te ontmoeten op het treinstation van Baarn.
Er zit vier minuten tussen de twee aankomsttijden.
Beide treinen zijn iets vertraagd en we komen gelijk aan.
We gaan wandelen van Baarn naar het station in Den Dolder.
Onlangs heeft Henk deze wandeling gelopen van Den Dolder naar Baarn en hij was er enthousiast over.
Hij gaat op herhaling en ik loop mee in de tegenovergestelde richting.
Van de andere kant zie je andere dingen.
We gaan onder het spoor door en steken een weg over en gaan het Baarnse Bos in. Dit bos herbergt rechte lanen en oude bomen, twee vijvers die kunstig zijn aangelegd, met bomen die zich spiegelen in het vijverwater om hun eigen schoonheid te bewonderen. De éne vijver heet Grote Kom, van de andere en kleinere vijver ken ik de naam niet. Misschien is dit de Kleine Kom. Sommige lanen dragen de last van namen.
Kijk, Henk wijst op de beide rijen bomen langs een lange laan. Allemaal dode bomen. Dat is handig, zo’n medewandelaar die op andere zaken let dan ik. Waarschijnlijk door droogte, voegt hij er aan. We hopen zelf op een droge en zonnige wandeldag. Maar we komen nog wel wat milimeters regenwater tekort. Mens en dier laven zich aan de zon die door de bomen waait. Honden lopen gelijnd en ongelijnd van boom naar boom, de hondenfluisteraars hebben hun mobieltje op kijkafstand. Die honden redden zich wel. Het Baarnse Bos wordt gescheiden van andere bossen door de Amsterdamsestraatweg. Een drukke weg die we gelukkig in twee etappes kunnen oversteken. Links van ons ligt Paleis Soestdijk, ooit een plek van geheimen. Nu een plek waar van alles zou kunnen gebeuren. Wij gaan noordelijk van het paleis de bossen in, nadat we een groep woningen zijn gepasseerd. Woonden hier vroeger mensen van de Marechaussee, die belast waren met de bewaking van het paleis?

We komen langs het nieuwe onderkomen van de padvinders/scouts van Merhula die hier de bossen onveilig mogen maken. Door het Paardenbosch, zonder paarden. Achter de paleistuin langs. We komen aan de rand van De Stulp. Hier zijn plots mensen te zien. Het ene bankje wordt bezet door twee mannen, het andere wordt nu ook bezet door twee mannen. Waar zijn die wandelende vrouwen gebleven? Daar komen twee babbelendde jongedames aan. Een ouder stel gaat achter ons langs en wij genieten van voedsel, drinken en een mooit uitzicht op een plas en de verten. Aan de overzijde van De Stulp zien we hoofden van wandelaars gaan. We gaan verder met de zon op ons hoofd. We steken De Stulp over, dan door een heidegebied, Over de Stulpselaan (hier is het weer wat drukker), niet alleen met geparkeerde auto’s maar ook met wandelende mensen. Een oud huis heeft zich verborgen in het groen langs onze route. We gaan ten oosten van Kasteel Drakensteyn naar het zuiden en komen uiteindelijk terecht bij de nonnen in het bos, want wij zijn de Roedenlaan overgestoken. Hier ligt het Nonnenland. In andere tijden zou dit een drassig gebied kunnen zijn, maar daar hebben we nu geen last of profijt van. Dan zien wij een paaltje in de bosgrond staan. Er op gebrand is een aanduiding voor een warm kopje koffie of thee. We naderen de tien kilometer op ons pad, tijd om kennis te maken met de plaatselijke horeca. We gaan van de route af om terecht te komen bij Volkslust de Vuursche Steeg. Een uitgebreid terras en een indoor-afdeling. Een groot parkeerterrein op grind, met laadpalen. Een paar fietsenrekken, zonder laadpalen. We gaan op het terras zitten waar de grens tussen zon en schaduw zich bevindt. We drinken met uitzicht. We eten met uitzicht. Cliënten komen af en aan. Wat de achtergrond van de naam Volkslust is wordt ons helaas niet duidelijk, ook niet bij navraag. Bij het verlaten van het pand zien we een bordje op een houten wand waarop staat dat een Insinger de laatste spijker heeft geslagen. Een Insinger van Insinger De Beaufort? Zou een wandelaar dan niet een paar banken buiten mogen verwachten?

Na de heerlijke lunch gaan wij terug naar de route en steken dan de Embranchementsweg over, om in een volgend landgoed te gaan wandelen. Langs een oud hek is een smal paadje dat ons het landgoed opvoert. Het gaat hier om Vijverhof en we gaan verder naar het zuiden door de bossen. Ik raak een beetje de kluts kwijt van alle landgoederen die we in- en uitgaan. Op een uitstekend puntje van Bilthoven steken wij de N234 over en gaan meteen de bossen weer in. Dit is het Pleinesbos, onderdeel van het Utrechts Landschap. Na dit bos steken we de N238 over en gaan langs een brandweerkazerne. Even verderop komen we langs een heideveld, met zicht op een kapitale villa in chaletstijl. Zelfs een kleine klokkentoren ontbreekt niet. Het lijkt er op dat de gebouwen hoorden (of horen?) bij de beroemde Willem Arntszhoeve, een psychiatrische inrichting die decennia geleden ophef veroorzaakte door vernieuwende behandelingen. We gaan zitten op een bankje op het natuurgebied dat deel uit maakt van dit terrein. Stilletjes komt een man aan ons voorbij. Hij draagt een rugzak en iets dat lijkt op een slaapzak, alles in camouflagekleuren. Hij verdwijnt langzaam achter een verhoging in het landschap. Nog even zien wij iets wapperen in de lucht. Slaat de man hier zijn kamp voor de nacht op? We gaan verder door het bosgebied en komen langs verscholen gebouwen, steken de Willem Coxlaan over en komen uiteindelijk uit bij het lange perron.
We laten een trein passeren en schuilen bij Bistro HERO, waar een paar vrouwen zitten. De één tuurt op haar laptop, de ander leest een krant en kijkt nauwlettend rond naar verschuivingen in het klantenbestand. Iets drinken en voor je het in de gaten hebt staat er een appelpunt, zelfs twee, op ons tafeltje. Het zit niet altijd mee.
Wat wel mee zat was deze prachtige wandeling.
Eén lange boswandeling van Baarn naar Den Dolder.

De Traagste Tocht etappe 11
Den Dolder – Baarn (maar dan andersom)
16 kilometer
Voor de bewegende beelden klik hier :
https://www.relive.com/view/vDqgz14g7G6
Ontdek meer van Willems Wonderlijke Wandelingen
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.