Groot Frieslandpad (05) : Snits naar Nij Beets

Snits – Watertoren

Wat zal ik doen?
Mijn start bij Station Snits ligt vast. Daar is de vorige keer mijn wandeling op uitgelopen.
Tot waar zal ik dit keer gaan?
Tot het Station Akkrum? Dat is ongeveer 20 kilometer.
Wat is er ten oosten van Akkrum?
Hoe zit het met het openbaar vervoer?
Welke bus rijdt er nog in deze vakantietijd?
Na enig puzzelen kom ik uit op Nij Beets. Daar zijn meerdere bushaltes. Aan de oostzijde van het dorp staat een bushalte waar vandaan bussen naar Station It Hearrenfean gaan. ‘Bussen’ is wellicht wat overdreven. Om 18.27 gaat de laatste bus. Van Snits naar deze bushalte is het een kleine 40 kilometer, van kwart voor negen tot zevenentwintig minuten over zes. Het moet te doen zijn.

Vanaf het station gaat de route eerst naar de beroemde Waterpoort. Vorige week ben ik hier ook al even geweest. Snits zien zonder de Waterpoort te zien is bijna onmogelijk. De man die uit een hoorn des overvloeds water giet is paraat. Mijn route slingert door het oude en haast verlaten Snits en na vier kilometer passeer ik de rondweg en kom ik in het buitengebied. De route gaat over de Griendyk. Groen en water. Water en groen. Kilometer na kilometer trekt deze dijk een spoor door het landschap. Fietsers komen en gaan. Rechts van mij ligt het Snitser Mar. Na ruim 5 kilometer over deze dijk sla ik af en ga ik over de Mardyk. Tijd voor een pauze op één van vele bankjes langs deze dijk. Een paar boterhammen, een kop warme thee, een paar blauwe bessen en weids uitzicht. Verderop praten fietsers met elkaar bij een sluisje. Een jachthaven dient zich aan. Een pontje maakt zich klaar om mensen en fietsen in te schepen. Het is het pontje van Terherne. Terherne is bekend van activiteiten die te maken hebben met de boeken van De Jongens van de Kameleon. Er is zelfs een eiland waar je in stijl kunt ravotten. Daar zijn Wandellief en ik ooit met onze jongens geweest. Kenners weten wel dat De Kameleon meer te maken heeft met het Noordhollandse Krommenie dan met het Fryske Terherne. In Krommenie waar de schrijver aan de Lijnbaan woonde, werden de boeken geschreven en hij verweefde vele plaatselijke zaken in zijn boeken. Na de jachthaven kom ik langs het Prinses Margrietkanaal (oftewel Nije Wjittering), vaartuig na vaartuig komt voorbij. Pleziervaart en beroepsvaart. Aangemeerd en varend. Ik zie de eerste omgekeerde Nederlandse vlag van de dag, bij een boerderij. Kun je de Fryske vlag ook op de kant hangen? Of loopt dan het water er uit? Het begint te miezeren. Zachtjes, maar wel in een constant tempo. Aan de voet van de hoge trap naar de Aldskou Brug trek ik mijn regenjas aan en doe de regenhoes om mijjn rugzak. Bovenaan kan ik even wachten omdat de brug opgehaald is. Wanneer deze teruggebracht is kan ik verder. Afscheid van het drukbevaren kanaal.
Een asfaltweg brengt mij naar Akkrum, beroemd door de gebroeders Anker (advocaten te Ljouwert) die hier woonden. Aan het begin van Akkrum kom ik op een bijzondere plek. Het is Coopersburg, inclusief park, dat vrij toegankelijk is. De Coopersburg is een monumentaal pand dat is gebouwd door Folkert Harmens Kuipers, die van Akkrum naar Noord Amerika verhuisde. Daar nam hij de naam Frank H. Cooper aan. Het ging de beste Cooper voor de wind. Hij vergat zijn Akkrum niet en liet daar in 1900 dit pand bouwen voor arme mensen op leeftijd. In het middendeel van het bouwwerk zijn twee woningen en een kamer voor de regenten van Coopersburg. Aan beide zijden van dit middengedeelte zijn elk tien huisjes gebouwd. In het park is een mausoleum gebouwd voor Frank H. Cooper en zijn Antoinetta Gerardina de Graaff. Na het drukke en gezellige Akkrum gaat de route naar Nes, aan de andere kant van de spoorlijn en de snelweg. In Nes heeft nog een klooster gestaan en is zelfs een ‘Klaesterpaad Nes’ om de wandelaar op te hoogte te brengen van het verleden en misschien zelfs een moment van bezinning te schenken. Er ligt nu een begraafplaats met klokkenstoel. Aan de Burdinewei vindt ik een onbezet stukje gras langs de weg. Daar ga ik zitten voor een volgende lunch. Ik lig nog mooi op schema om de laatste bus te halen in Nij Beets.

Ulesprong – molen

Ik zet mijn wandeling voort langs een water, dat waarschijnlijk De Boarn heet. Het water voert mij naar een volgend dorp: Aldeboarn. De route blijft hier het water volgen, met een klein uitstapje langs de Doelhoftsjerke. Aan het einde van het dorp ontwaar ik de eerste minibieb van deze dag. Waar een klein dorp groot in kan zijn. Buiten het dorp ga ik de Beetsterdyk op, het fietspad en wandelpad gaat langs een drukke doorgaande weg. Gelukkig volgt de route niet de hele weg die overgaat in de Domela Nieuwenhuisweg, maar zo ver kom ik niet, want ik sla linksaf en ga de Poppenhûzen op. Dit is een rustige weg met een enkele boerderij en een enkele fietser en een dame op een fiets die papier stopt in een brievenbus aan de weg. Ik passeer Warniastate, ik steek de Binnenringfeart over en sla rechtsaf de Gearen op. Hopen gemaaid gras liggen in de bermen, een onaangename geur waait over de weg. Dan midden tussen het groen ligt daar Piers Hiem, een terras, parasols, een vrouw met een bezem, geen gast te zien. Ik sla rechtsaf de Domela Nieuwehuisweg op. Na een paar meter op de Ripen staat een boom met bijpassende schaduw. Ik ga zitten op de grond voor een pauze. Even geen zon. In de ochtend was er geen zon te bekennen, de luchten waren bewolkt, maar nu brandt de zon. Onderweg is er weinig schaduw. In de verte gaat een landbouwmachine over een veld. Wanneer ik verder ga kom ik over een dijk door de polder, gras, gras, rechts gras, links gras. Ik heb niet de indruk dat dit pad vaak belopen wordt. Aan de rechterzijde van de dijk ontmoet ik de Nijdip. Heb ik nu ook een dip met al dat gras? Even verderop zie ik twee zwaar bepakte fietsers het zelfaangedreven fietspontje aanmeren aan de overzijde van het water. Het is het pontje Tijnje – Nij Beets. Even verderop is het Sudergemaal. Hier ga ik de Skipsleat volgen tot aan Nij Beets. Plots stuit ik op de Domela Nieuwenhuisweg. Deze man is niet vergeten in deze contrein. Er is zeer recentelijk zelfs een opvoering geweest van de Domela Passie (met Miendert Talma en Freek de Jonge en anderen). Een pad door de polder brengt mij bij de Geawei. De lange Prikkewei brengt mij door het noordelijke gedeelte van het dorp. Bij een rotonde (nieuwe stijl) steek ik de Domela Nieuwenhuisweg over en dan zie ik mijn bushalte staan. Ik kan de bus van 17.28 uur halen. Het is warm. Op de juiste tijd stap ik de koele bus in en ga naar It Hearrenfean.

Groot Frieslandpad – Smits naar Nij Beets – 37.5 kilometer

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.