Pelgrimspad (18) Roosteren naar Spaubeek

P1100937
Te laat druk ik op de stopknop in de bus. Roosteren schiet aan mij voorbij voordat ik het in de gaten heb. Hier is het smalste deel van Nederland. De trein bracht mij naar Susteren en de bus brengt mij nu van Susteren naar …? België is de eerstvolgende stop. Een citytrip door Maaseik hoort bij de busrit en op de terugweg naar Susteren stopt de chauffeur op mijn verzoek dichtbij de route van het Pelgrimspad. Nu kan ik op pad gaan. Wanneer ik afdaal naar de Maas kom ik bij de Mariakapel en zoals bij iedere etappe neem ik de tijd om in een kapel te zitten en te bidden. Het is de kapel van onze lieve vrouw en op de gevel wordt uitgeroepen : bescherm ons. Mijn gebed is niet gericht aan Maria, van haar verwacht ik niet mijn hulp. Het Onze Vader (paternoster) ligt mij eerder op de lippen.
De bedding van de Maas is breed en veelal droog. Ik loop dwars door een veld omdat ik de gps-route volg. Ik vermoed dat dit niet langer de bedoeling is, toch kom ik uit in het beschermde dorpsgezicht van Visserweert. De Romeinen waren hier al kind aan huis, hetgeen ook te zien is aan Latijnse teksten op muren en de oude naam Insula Piscatorum. Ik heb de indruk dat de teksten op een later tijdstip zijn aangebracht. Er is in recente jaren een brug gebouwd om het dorp bereikbaar te houden bij hoge waterstanden. De Romeinen waren bedreven in het bouwen van bruggen (en ook van aquaducten), maar de bevolking van Insula Piscatorum hebben ze toch niet geholpen met een brug.
Ik kom zonder veel moeite en met droge voeten aan in het straatdorp Illikhoven. Een dorp als grensgeval. In oude tijden op de grens van Gelre en Gulick, in recentere tijden op de grens van Roosteren en Born. In het gebied van de Grensmaas wordt druk gewerkt. Omleidingen zijn aangelegd, wegverkeer met ladingen zand, nieuwe brugjes, grote grijpgrage machines die zand uit water halen, een verdwenen boerderij. Ik volg de alternatieve route die bedoeld is om te wandelen bij hoogwater, hoewel er nu nergens van hoogwater sprake is. P1100953
Langs de randen van Grevenbricht zet ik koers naar het Julianakanaal. Ik kies er voor om over het versleten fietspad op de dijk te wandelen, zo heb ik aan mijn linkerhand zicht op het kanaal. Het kanaal brengt mij bij Sluis Born. Grote schepen en kleine schepen. Vrachtvaart en pleziervaart. Een sluis verbroedert. Van boven heb ik een mooi zicht op de schuttende schepen. In 1935 was het Julianakanaal gegraven, ik vermoed dat Majesteit zelf niet mee heeft gegraven.
Aan de overkant van het kanaal neem ik plaats op een bank die hoort bij een restaurant. Het restaurant ziet er eenzaam en verlaten uit. Verouderde openingstijden zijn een vage herinnering aan betere tijden. Bie de Sljoes is uit de tijd. Born is de stad van de automobiel en van stakingen in de automobiel-industrie. Ik heb geen foto gemaakt in Born. Zegt dat iets over mij of over Born? Aan de andere kant van het dorp steek ik de A2 over. In het Limbrichterbos kom ik een echte pelgrim tegen. Hij rust uit op een bankje, de grote rugzak staat op de grond, een witte schelp onderscheidt deze rugzak van alledaagse zakjes op de rug.
Het Limbrichtse bos brengt verkoeling op deze warme dag. Wanneer ik de bossen uit kom zie ik eerst de contouren van kasteel Limbricht en verderop de contouren van Sittard. Hoogbouw en torens tuimelen om de hoogste plaats in te nemen. Eerst langs het station en dan lange winkelstraten in, eerst met gesloten panden, verderop wordt het beter. Langs de winkelpanden en tussen het winkelend publiek voel ik mij een pelgrim op weg naar de consumentenhemel.

P1100967
Om daar van bij te komen wijk ik van de route af en ga naar een kerk van Petrus. Van mij had er meer kerk en minder consument in de Sittardse route gemogen. Op een muur zie ik het kind van Sittard: Toon Hermans. Wie die anderen zijn weet ik niet. P1100981
Aan het einde van de bebouwing van Sittard kom ik bij de Kollenberg. Hier is weer meer aandacht voor de pelgrimerende voetganger. Onderaan de heuvel is een bezinningscentrum van de Koningin van de Karmel (Regina Carmeli). Langs de weg zijn heuvelwaarts zeven kruiswegstaties. Zeven voetvallen. Ik val niet te voet, maar wandel opwaarts en opwaarts. Bij de Hof van Olijven staat een bankje waar ik een lunchpauze neem. Tijdens het zitten en rusten merk ik dat deze weg een populair terrein is voor hondenuitlaters. Bovenop de Kollenberg staat de Sint Rosakapel. De kapel heeft een eeuwenoude geschiedenis. In het jaar 1668 woedde er een dysenterie-epidemie. Toen werd Rosa van Lima aangeroepen om Sittard te beschermen. Als dank bouwde de bevolking een kapel voor Rosa, die kapel was in 1675 klaar. Tevens werd er beloofd om jaarlijks op de laatste zondag van augustus een processie te houden van de stad naar de kapel. Alsof dat nog niet genoeg was werd Rosa ook de beschermheilige van Sittard. P1110010
Boven op de Kollenberg kom ik toe aan de vergezichten die zo bekend zijn van het zuidelijke Limburgse landschap. Limburg, je zult er maar wandelen. Via Windraak en een grote heemtuin kom ik in Puth. Een heuvelend landschap brengt me bij kasteel Terborgh (bekend van de Bokkerijders) en nog even en ik ontwaar de contouren van het station van Spaubeek, maar dan heb ik net de Sint Annakapel gemist. Nog even wachten en de trein komt.
Het is weer een mooie wandeldag.
Pelgrimspad Roosteren naar Spaubeek – 32 kilometer

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s